Van oorsprong waren opties bedoeld om de risico's op beleggingsportefeuilles in te dammen.
Het risico van een daling, dat de belegger niet wenste te nemen, werd afgewenteld op derden.
Deze derden ontvingen daarvoor een premie, omdat ze de verzekering voor hun rekening namen.
Men sprak dan ook niet van opties maar van premieaffaires. Later werd deze handel steeds verder
uitgebouwd en kregen opties steeds meer de naam van speculatief instrument.
Hoewel dit
volkomen ten onrechte is, kent iedereen wel iemand die met opties in de problemen is gekomen.
Veel hier zijn indianenverhalen, maar de manier waarop mensen opties kopen is zeker voor
verbetering vatbaar. Later ontdekte men, dat het feit dat zoveel mensen geld verloren betekende dat
er ook veel geld werd verdiend.
Er ontstaat geen geld op de optiebeurs, en het verdampt er
ook niet. Wat er in gaat komt eruit, het is een zogenaamde zerosum game. Dat verdienen
gebeurt in de praktijk door handelaren met uitgekookte optieconstructies, die het risico
beperkt en minimaal begrend houden, en die de mogelijkheid hebben het geld van de arme optiekopers
binnen te harken.
Een goed voorbeeld hiervan is de zogenaamde condor constructie. Lees hier hoe u gebruik maakt van deze
condor en ook u zult tot de ontdekking komen dat opties heel wat meer mogelijkheden kennen dan speculeren op een
koersbeweging die in 50% van de gevallen een andere kant opgaat.